Het nieuwe curriculum komt eraan. In veel scholen proef ik enthousiasme vanuit het gevoel dat we eindelijk eens flink wat dingen kunnen gaan veranderen. Maar zeker niet overal. Helaas zijn er ook scholen die voortekenen van paniek laten zien en waar al met angst en beven naar het bijltjesjaar 2031 wordt gekeken. Inderdaad: het jaar waarop de Inspectie van het Onderwijs gaat handhaven. Maar niemand weet nog hoe. De Inspectie zelf ook niet.
Ik sluit me overigens aan bij de eerste categorie scholen. Als je dan toch al behoorlijk wat dingen anders wilt gaan doen, dan is een ongevaarlijke verandering als nieuwe kerndoelen een lekker steuntje in de rug. En voor de paniekscholen heb ik goed nieuws: lezen blijft lezen, taal blijft taal en rekenen blijft rekenen. Wereldoriëntatie krijgt er voor een klein deel burgerschap en digitale geletterdheid bij. Verder verandert er op het eerste gezicht niet zo veel, zou je zeggen.
Maar waar ontstaan dan die kansen? Dat is de vraag die ik regelmatig krijg. Voor mij zitten de kansen vooral in de kerndoelen Nederlands 1a en 1b: niet gericht op beheersing, maar op het aanbod. Het a-stukje verlangt van ons dat we nog meer werk gaan maken van een rijke taal- en leesomgeving. Het b-stukje vraagt van ons dat we dat voortaan nog meer doen door alle vakgebieden heen en op zoek gaan naar samenhang.
Dus niet langer het verkokerde verhaal van geïsoleerde vakdomeinen, die soms niet eens echt bestaan. Met als meest schrijnende voorbeeld het nepdomein begrijpend lezen. Wie van jullie gaat er weleens lezen zonder de intentie om het te begrijpen? Helemaal niemand dus. Bij lezen hoort begrijpen, simpelweg omdat het anders geen lezen is.
Eigenlijk hebben we een rijke traditie in het uit elkaar trekken van vakgebieden, tot op het punt dat je verkokerde domeinen overhoudt waarmee je leerlingen niet meer kunt motiveren. Daarmee raken we meteen één van de grootste problemen binnen ons systeem. De nieuwe kerndoelen gaan ons helpen om het niet meer zo ver te laten komen. Samenhang is geen keuze maar noodzaak.
Maar hoe ver moet je dan willen gaan met het vervlechten van vakgebieden? Zijn er grenzen? Ik vind van wel, maar die zijn schoolspecifiek en relatief. Ook in het tijdperk van de nieuwe kerndoelen zullen methodemakers ons helpen om mooie lessen neer te zetten zonder dat we alles zelf hoeven te ontwikkelen. En dat is fijn. Alvast bedankt. Maar ik schrik ook regelmatig van de dwarsverbanden die uitgevers proberen te bedenken, meestal binnen het eigen aanbod. Samenhang aanbrengen is bedoeld om het curriculum van de basisschool betekenisvoller, compacter en eenvoudiger te maken. Niet om zo veel verbindingen te leggen dat je door de bomen het bos niet meer ziet.
We zijn er allemaal getuige van dat het curriculum voor een gemiddelde basisschool zo overladen is geworden dat het met geen mogelijkheid meer binnen het lesrooster past. Met kwalijke gevolgen voor de opbrengsten van leerlingen, hun leermotivatie en het werkplezier van leraren. De aanprijzing dat alles in uitgebreide vorm in die ene methode zit, spreekt mij daarom totaal niet aan. Want dan is de kans enorm groot dat we eindigen als methodeslaaf. Slaven die in een lineaire volgorde alles wat bedacht is over leerlingen uitstrooien. Daarbij is het feit dat ‘alles’ uitgewerkt is in de boekjes en software van een leermiddel helemaal geen garantie dat er een compleet curriculum wordt aangeboden. Dat zou namelijk betekenen dat de methode bepaalt hoe het lesprogramma er precies uitziet en de school alleen maar volgt. Volgens mij hebben we daar juist die fantastische juffen en meesters voor. Zij kunnen op basis van de doelen en hun leerlingpopulatie maatwerk bieden. Alleen zij.
Dus hoor je een enthousiast verhaal over een nieuwe methode met als belangrijke boodschap dat alles erin zit? Begin dan met gniffelen. En denk daarna: dit is te mooi om waar te (kunnen) zijn. Om vervolgens te kiezen voor een leermiddel dat wel ondersteunt, maar niet de regierol wegkaapt. Want die rol hoort bij de echte regisseurs die steeds maar weer het verschil maken: onze onmisbare leraren.
Jos Cöp
Onderwijskundige, specialist lees- en taalonderwijs en curriculumontwikkeling, schoolleider, spreker.
joscop.nl | leertijd.nl
